This site uses cookies to provides services, personalise adds and analyse traffic. Information on how you use this site is shared with Google. If you use this site you agree with the use of cookies. Sorry to bother you with this annoying banner. European law says we have to. Click the "I get it" link to hide this message.

Deze site gebruikt cookies om services te leveren, advertenties te personaliseren en verkeer te analyseren. Informatie over je gebruik van deze site wordt gedeeld met Google. Als je deze site gebruikt, ga je akkoord met het gebruik van cookies. Het spijt ons dat we u met deze irritante banner moeten lastig vallen. Iets met nieuwe Europese wetgeving. Klik op het "I get it" linkje om deze boodschap te verbergen.

More info... | I get it
Specieshunters.com - Nieuws
log in
home
archive
faq
contact

De felbegeerde Atlantische heilbot

20091001

Dit artikel is eerder gepubliceerd in het herfstnummer 2009 van de Zeehengelsport. Wij danken hengelsporthuis.com dat we het hier mogen plaatsen.

Samen met zijn vismaten Kees Wartenbergh uit Amsterdam en Yme Nijholt uit Gorssel viste Ton Nientied het afgelopen voorjaar in het Noorse Leka. Ton en zijn vismaten zijn geen onbekenden van de NCRZ en dus was het doel om terug te komen met een of meer Nederlandse records. Dat kun je dan wel willen, maar al te vaak is de werkelijkheid toch wat weerbarstiger. Niet in dit geval echter, zoals Ton hier zelf bericht.

Met Kees en Yme beleefde ik in de loop der tijd al heel wat mooie visavonturen. In de jaren ‘90 op Guernsey, bij schipper Dougal Lane van mv. Midnight Moon. De laatste zes jaar visten we met de sympathieke schipper Neil Gallagher vanuit Burtonport in Ierland. Deze laatste werd ons getipt door Peter Dohmen en is ons altijd heel goed bevallen. Maar zoals dat gaat: we waren aan een nieuwe uitdaging toe en na het lezen van het artikel over Leka in Noorwegen, in de Zeehengelsport van eind 2007, begon ik geïnteresseerd te raken in deze bestemming.

Ik hoefde gelukkig het wiel niet opnieuw uit te vinden en kostbare vistijd verloren te laten gaan, want diverse vissers gingen ons al voor. Mannen, die in de door mij georganiseerde zeeviscompetitie van de Stem (zeevisafdeling van HSV Alkmaar & Omstreken) meevissen en graag hun kennis wilden delen. Zo keeg ik veel bruikbare informatie van Sytze van Wagtendonk en René Langedijk, die in de zomer van 2008 al een visrijke week beleefden op Leka, met als klap op de vuurpijl de vangst van een heilbot van zo’n 10 kilo.

Toen in mei 2009, enkele weken vóór ons vertrek, Jan van der Lingen en Henk Steenhuis ook met prachtige vangsten thuiskwamen uit Leka, begon het toch wel aardig te kriebelen. Henk ving een zeeduivel van 7,5 kilo en Jan deed de vangst van zijn leven: een heilbot van 41 kilo! Ook al hun tips waren dus meer dan welkom.

TOETERS EN BELLEN EN... SUCCES!

En zo zaten we dus ineens met z’n drieën daadwerkelijk in Noorwegen. Nadat Kees op onze tweede visdag al een kabeljauw van l4kilo(1,l4meter) had weten te vangen, kwam mijn ‘finest moment’ op onze zesde visdag. Na een drift van ruim 20 minuten wilde ik mijn aas controleren. Als aas had ik op de 8/0 haak een koolvis van zo’n 25 centimeter gezet. Van die koolvis had ik eerst de volledige ruggengraat verwijderd, zodat de beide zijden lekker,door het water konden flapperen. De onderlijn was voorts voorzien van de nodige kralen, lichtgevende tube en ‘muppets’ en ook nog een spinner; allemaal toeters en bellen die de aandacht van de vis moeten trekken op de grote Noorse dieptes.

Tijdens het opdraaien voelde ik halverwege even weerstand, maar ik kon meteen weer doordraaien. Tot mijn aas zo’n vijf meter naast de boot onder het oppervlak verscheen en ik plotseling een witte schim door het water zag schieten, waarna mijn hengel als een hoepel kwam te staan. Ik wist het meteen: dit is een heilbot! Bij eerdergenoemde Jan van der Lingen was namelijk hetzelfde gebeurd: de heilbot was achter het aas aangezwommen en had het aas vervolgens pas vlak onder de boot gegrepen.

Mijn hengel ging meteen in de budpad, die ik gelukkig al om had. De slip van mijn Penn 25 GLS leverdrag reel stond al vrij zwaar afgesteld, maar daar trok dit beest zich niets van aan. In één keer zwom hij de 40 meter naar de bodem. Toen kon het spel beginnen. Decimeter voor decimeter nam ik wat lijn in, de hengel gebogen tot bij het handvat. Om na vijf minuten hijsen de beurt weer aan de vis te moeten geven, die dan wéér in één run de afstand tot de bodem overbrugde. Wat was ik blij niet een kilometer verder te liggen, waar het ruim 200 meter diep was!

Ik kwam al snel tot de conclusie, dat mijn Shimano Beastmaster 50-150 gram hengel van 2,70 meter eigenlijk niet geschikt is voor dit geweld. Hij hield zich kranig, maar hij was gewoon te licht en dat bemoeilijkt het omhoogtakelen, want daar mag je toch wel van spreken. Met de armen volledig gestrekt,de rug recht en met het volle gewicht aan de hengel gaan hangen, dat was de enige manier om wat meters terug te pakken.

VERTWIJFELING

Na een half uur begon ik toch te twijfelen of ik niet aan het kortste eind zou gaan trekken, want soms voelde ik me na wéér zo’n verwoestende run compleet machteloos. En weer een half uur later begonnen de armen aardig te verzuren. Maar blijkbaar was de haak goed gezet, want alles hield stand. Mijn Power Pro 19/00 gevlochten lijn hield zich goed en de 1 millimeter dikke onderlijn zat aan mijn 50/00 voorslag verbonden met een 150 Ib wartel, een crane swivel met Coastlock Snap van Midnight Moon. Dat spul hield het ook wel.

Opvallend was dat stroming en golfslag geen vat meer hadden op de boot; we bleven op precies dezelfde plek liggen. De vis had onze 18 voets Hansvik visboot als het ware verankerd.

Pas na het verstrijken van het eerste uur en het doorlopen van verschillende stadia van vertwijfeling tijdens de dril begon de heilbot iets mee te geven en weer een half uur later verscheen er langzaam een donkere schim aan de oppervlakte wát een beest. Twee ogen zo groot als eieren keken ons link aan en de half openstaande bek zag er vervaarlijk uit. De haak zat muurvast, precies achter de buitenste rand van de bek. Ideaal want zo kon hij nooit bij het nylon komen. Mijn maat Kees had de pikhaak al in zijn handen en deed een eerste poging de vis binnen te krijgen. De heilbot dacht daar anders over; hij schudde met zijn kop, deed een halve draai en dook de diepte in, Kees achterlatend met een pikhaak, waar de haak compleet uitgerukt wasl Ik had de grootste moeite de run te stoppen, wat uiteindelijk op zo’n 30 meter diepte lukte. Pompend kreeg ik de reusachtige platvis enkele minuten later weer bij de boot, maar ja....wat nu?

We hadden een flink stuk dik touw meegenomen om in geval van motorpech op sleeptouw te kunnen worden genomen. En dat werd onze redding bij het binnenhalen van de vis. Kees kwam op het heldere idee om een lus te maken in het touw en zo werd er een lasso gemaakt die om de staart van de heilbot moest komen. Tot tweemaal toe werd er een poging ondernomen. De vis werd langs de boot gemanoeuvreerd, maar de staart zat nog te diep om het touw er omheen te krijgen. Yme verzwaarde de lus daarop door een stuk lood met nylon aan de lus te bevestigen en de derde poging was meteen raak. Yme gooide de lus vakkundig boven de staart, het touw zakte over de staart en Kees trok de lus dicht.

Hulde aan deze twee inventieve vis- maten, want alleen sta je machteloos!

ONTLADING

Ik legde snel mijn hengel neer en hielp Kees om de heilbot tegen de zijkant van de boot aan te trekken; de staart verscheen boven water en met ons volle gewicht aan het touw trekkend werd de heilbot hevig spartelend over de rand van de boot getrokken. Hij viel met de rugzijde naar beneden, een geluk, want nu zag hij niets en hield hij zich relatief rustig. Hij zat ook ingeklemd tussen de zitplaats van de bestuurder, de bun en de achterkant van de boot. Hij paste er precies tussen, wel met de staart boven het bankje uitstekend. De meetlat gaf aan: 1 meter en 68 centimeter getemd geweld!

Wat een ontlading als tóch gelukt is, wat je een kwartier daarvoor, toen de pikhaak sneuvelde, nog voor onmogelijk had gehouden! Eindelijk konden we wat rustig filmen en een paar foto’s nemen. Meteen daarna voeren we terug naar het haventje.

Jostein Hiller, die samen met zijn vrouw Anne Britt het hele complex van huisjes, motel en boten in Leka beheert, werd gebeld en kwam meteen naar de steiger. Hij vertelde me, dat de zwaarste tot dan toe in Leka gevangen heilbot 51,4 kilo gewogen had en dat was alweer in 1991 geweest... Na ‘mijn’ heilbot met vereende krachten van boord getild te hebben, zei Jostein al snel: deze is wel érg dik en zwaar.

Daarna werd de vis getransporteerd naar het fileerhok. Het was een hele hijs om de vis omhoog te krijgen, maar het lukte. Met zijn neus op de weegschaal kwam Jostein met de boodschap: 62,5 kilo. Het staande Leka-record uit 1991 was dus dik overtroffen. De NCRZ recordlijst, die altijd standaard in de viskist aanwezig is, werd er vervolgens op nageslagen. Het record bleek te staan op 61 kilo, dus ook dit record werd verbeterd. Niet veel, maar het is toch weer een nieuwe mijlpaal....! Vermeldenswaard is tenslotte nog, dat niets van de vis verloren is gegaan. De filets zijn ter plekke verdeeld. De Noren eten heilbot met de Kerst, vandaar dat Anne Britt blij was nu een hele filet te krijgen van tegen de 10 kilo. Dat had ze wat mij betreft wel verdiend voor alle genoten service.

Ton Nientied



Foto 1 : Eigenlijk was de gebruikte hengel wat te licht en buigzaam.
Foto 2 : De reusachtige platvis bleek netjes vooraan in de bek gehaakt.
Foto 3 : Met dank aan twee inventieve vismaten en een sleeptouw.
Foto 4 : Met 62.5kg Een nieuw record voor Leka en een verbetering van het NCRZ-record.

reacties (0)


Tweeten
2019:
# naam srtn
1 179
2 178
3 145
toon hele lijst
aller tijden:
# naam srtn
1 784
2 712
3 637
toon hele lijst
unieke soorten:
# naam srtn
1 112
2 105
3 81
toon hele lijst
op de vlieg:
# naam srtn
1 118
2 111
3 108
toon hele lijst
stats:
310 geregistreerde soortenjagers.
3239 verschillende vissoorten.
26 niet erkende vissoorten.
20 hybrides.
418 gevangen op de vlieg.
633 vissoorten op targetlijsten.
176 foto's van zwoenzels.